> Naar alle nieuwsberichten

Brede (voedings)aanpak bij depressie

03 februari 2016 | ndn | In de huisartspraktijken melden zich steeds meer mensen met stemmingsklachten en depressie. Na pijn en vermoeidheid komen deze stoornissen op de derde plaats. Om tot de juiste (voedings)interventies te komen is het noodzakelijk te achterhalen welke triggers de oorzaak zijn van het probleem?

Bij depressie worden vaak SSRI’s (selectieve serotonine heropname remmers) gegeven om de concentratie van serotonine te verhogen. SSRI’s zoals fluoxetine, paroxetine en sertraline hebben veel ongewenste bijwerkingen, waarvan sommige heel ernstig kunnen zijn (zelfmoordneigingen, agressie, gewelddadig gedrag, seksuele problemen en een verhoogd risico op een miskraam).

Onderzoek [1] toont aan dat er minder depressies voorkomen bij mensen die  een dagelijkse voeding hebben die rijk is aan essentiële vetzuren waaronder olijfolie en visolie aangevuld met veel groenten, fruit, noten en zaden. 

Dit onderzoek is een samenvatting van 11 verschillende onderzoeken, uitgevoerd bij mensen in de leeftijdsgroep van 18 tot 97 jaar. De onderzoekers vonden dat het risico op depressie verlaagde bij mensen die voeding aten rijk aan  vitamine B waaronder foliumzuur of B9. Maar  die ook  omega-3 vetzuren,  mono-onverzadigde vetzuren uit olijfolie, visolie, noten en zaden gebruikten en daarnaast  ook veel groenten en fruit op het menu hadden. De conclusie is dan ook dat voeding een invloed heeft op depressie.
Groene thee voorkomt depressie bij ouderenGroene thee wordt alom geprezen om zijn vele gezondheidsbevorderende effecten. Zo heeft het o.a. een ontstekingsremmende en stressverlagende werking. Omdat zowel ontsteking als stress geassocieerd worden met het ontstaan en de ontwikkeling van depressie, onderzochten Japanse wetenschappers of het drinken van groene thee symptomen van depressie kon verlichten bij oudere mensen [2].

Men verzamelde de gegevens van 1.058 zelfstandig wonende Japanse 70-plussers. 34,1% Van hen vertoonde milde tot ernstige depressieve symptomen en 20,2% had last van ernstige depressie. Vergeleken met diegenen die slechts één kopje groene thee (of minder) per dag dronken, was het vóórkomen van depressie bij de ouderen die vier of meer kopjes per dag dronken met 44% verminderd. Dit gold zowel voor milde als voor ernstige vormen van depressie.
Brede aanpak bij depressieNet als bij vele andere ziekten beschreven op onze site, pleiten wij ook bij depressie voor een individuele aanpak. Een brede aanpak is wenselijk en daarom bespreken wij hieronder punt voor punt waar op gelet kan worden om de (voedings)interventies meer persoonlijk te maken.
1. Laat uw vitamine B-profiel onderzoeken (B12, foliumzuur, B6, B2 en B3). Een supplement met B-vitaminen verhoogt de doeltreffendheid van een depressiebehandeling. In een Australische studie namen deelnemers met majeure depressie dagelijks een antidepressivum (citalopram) en een supplement met vitamine B12, foliumzuur en vitamine B6.

Aan deze studie [3] namen 153 vijftigplussers deel. Na 52 weken waren er meer deelnemers in de B-vitaminengroep die geen depressieve symptomen meer hadden. B-vitaminen verlagen bovendien het risico op terugkeer van symptomen met 67 % bij de patiënten die op week 12 symptoomvrij waren. De effecten waren na 12 weken nog niet significant, maar wel na 26 weken.

Een groot probleem van antidepressiva is dat ze, hoewel ze aanvankelijk wel helpen, de terugkeer van depressieve symptomen vaak niet kunnen tegenhouden. Al sinds de jaren zestig bestaat het vermoeden dan foliumzuurtekort in verband staat met depressie. Foliumzuur en vitamine B12 zijn belangrijk in de synthese van neurotransmitters, serotonine, dopamine en noradrenaline. Ook vermelden de auteurs verhoging van homocysteïne (een ander teken van foliumzuurgebrek) als medeoorzaak van depressie.
2. Laat uw vetzuurprofiel bepalen (onderzoek naar de omega 3-6-9 vetzuurverhoudingen in het bloed).Dat goede vetzuren een heel belangrijke rol spelen in de prikkeloverdracht van de neurotransmitters is bekend. Alle celwanden zijn opgebouwd uit vetzuren. De goede vetzuren zorgen voor een betere geleiding en doorlaatbaarheid.

Overmaat aan slechte vetzuren van verhit vet, dierlijk vet en transvetzuren geeft aanleiding tot starre celwanden waardoor de energie van onze cellen vermindert maar ook de geleiding van prikkels door de neurotransmitters verlaagt hierdoor.

Verstoringen in de dopaminehuishouding kunnen optreden door voeding met een hoge calorische waarde (alcohol, suiker),  activatie van het immuunsysteem, langdurige stress en een tekort aan omega-3 vetzuren.

Voor een studie [4] werden de gegevens van 800 militairen die suïcide hadden gepleegd vergeleken met 800 gezonde personen. Hun gemiddelde leeftijd was 27 jaar. Iedere afname van de DHA-concentratie leidde tot een toename van 14% op het risico van zelfdoding. Mannen met de laagste DHA-concentratie hadden met 62% een significant verhoogde kans op suïcide.

Volgens de onderzoekers wordt het risico van zelfdoding beïnvloed door een aantal factoren, waaronder sociale, psychologische en omgevingsfactoren. Het risico nam echter met 52% toe onder militairen die in de strijd gewonde en stervende collega's hadden gezien.

Deze studie is niet de enige waarin een verband wordt gelegd tussen omega 3-vetzuren, de mentale gezondheid en zelfdoding. Al eerder bleek dat een dagelijkse inname van 2 gram omega 3-vetzuren de kans op zelfmoordgedachten met 45% vermindert.
3. Laat volbloedonderzoek doen naar uw mineralenprofiel: magnesium, chroom, zink en selenium.Naast voldoende water drinken zijn de mineralen essentieel in iedere vorm van celcommunicatie.
MagnesiumEen magnesiumtekort kan een belangrijke medeoorzaak zijn bij de meest voorkomende ernstige vormen van depressie [5] en aanverwante mentale ziekten.  Raffineren van voeding en in het bijzonder van granen ligt mede aan de basis van een veel voorkomend magnesiumgebrek onder de bevolking.

De magnesiumbehoefte voor het lichaam is vrij groot. Dit mineraal is nodig voor meer dan 300 biochemische reacties in het lichaam. Bij een magnesiumtekort wordt aan de neurologische  noodzaak voor magnesium niet voldaan. Dit leidt tot beschadiging van de neuronen. Deze magnesiumtekorten kunnen veroorzaakt worden door stress, overmaat aan calcium in het dieet, maar ook  door voeding die arm is aan magnesium.

Magnesiumrijke voedingsmiddelen zijn voedingsmiddelen die rijk zijn aan chlorofyl of de natuurlijke groene kleur van groenten zoals bijvoorbeeld spinazie en alle andere groene bladgroenten. Het centrum van de chlorofylmolecule bestaat uit magnesium.  De overige voedingsmiddelen  rijk aan magnesium zijn bonen, erwten, noten en zaden. Daarnaast zijn ook niet geraffineerde granen rijk aan magnesium ( tijdens het raffineren van granen worden de magnesiumrijke vezels en kiemen verwijderd).
ChroomVolgens Professor Malcolm McLeod van de Universiteit van Noord-Carolina uit de Verenigde Staten is chroom niet alleen een belangrijke voedingsstof voor stabilisatie van de bloedglucosespiegel, maar ook een uiterst effectief antidepressivum bij een atypische depressie [6-9].

Bij een atypische depressie hebben mensen, naast een depressieve stemming, ook last van gewichtstoename, continue vermoeidheid, sterke drang naar koolhydraten (brood, snoep, koek, chocolade) en voortdurende slaperigheid. Bij een klassieke depressie is er juist sprake van een verlies van eetlust, gewichtsafname en slapeloosheid. Deze vorm van depressie reageert minder goed op het gebruik van extra chroom.
ZinkZink is belangrijk voor de hersenen, onder meer voor gedrag, leren en mentale vaardigheden. Tekorten aan zink komen vaak voor bij depressieve patiënten, mogelijk zijn ze een gevolg van farmaceutische therapie (hogere zinkafvoer) of van een veranderd eetgedrag (lagere zinkinname) [10].

Zink verbetert de stemming van mensen met overgewicht. Een zinksupplement vermindert depressieve symptomen bij zwaarlijvige mensen. De Iraanse artsen die een studie [11] bij 50 deelnemers uitvoerden, kwamen tot de volgende bevindingen:

- De stemming verbeterde alleen bij diegenen die depressieve symptomen hadden aan het begin van de studie. Dat suggereert dat depressie een gevolg kan zijn van een zinktekort.
- De brain-derived neurotrophic factor (BDNF), een groeifactor in de hersenen, steeg dankzij zinksuppletie. Hoe lager het niveau van BDNF, hoe ernstiger de symptomen van depressie, dat is uit recente studies gebleken.
- Men zag een correlatie tussen zink en BDNF aan het begin van de studie. Zink is belangrijk voor de hersenen. Sommige hersencellen bevatten blaasjes die bijzonder veel zink bevatten, die de gevoeligheid van hersencellen voor prikkeloverdracht verhogen. Zink stimuleert ook BDNF. De studie maakte gebruik van 30 mg zink en duurde 12 weken.
SeleniumEen optimale seleniumstatus biedt jonge volwassenen bescherming tegen depressie. Nieuw-Zeelandse artsen deden metingen bij bijna 1000 jonge volwassenen [12] en zagen dat zowel een hoge als een lage seleniumstatus vaker voorkomt bij depressie. Het optimum werd geschat in het bereik van 82 tot 85 µg/L.

Deze studie suggereert tegelijkertijd dat de seleniumstatus snel te hoog kan zijn, al vanaf 110 µg/l. Zelfs een supplement van 100 µg selenium per dag kan voor een serumwaarde van 150 µg/L zorgen. Al hebben die studies nooit bijwerkingen kunnen aantonen, ook niet bij supplementen van 300 µg per dag.

Maar andere studies observeren een verhoogd risico op diabetes en kanker vanaf resp. 130 µg/L en 150 µg/L. Dat zou betekenen dat selenium een extreem kleine marge heeft.

De gemiddelde inname in Nederland/België bedraagt ongeveer 50 µg. Voor een optimale activiteit van het GPX-enzym (glutathionperoxidase) is een inname van 70 µg nodig. Voor een optimale expressie van het selenoproteïne P (een ander proteïne dat selenium nodig heeft), is echter een inname van 105 µg nodig.
4. Laat onderzoek doen naar de relatie van uw methylering en depressie. De methylering staat onder druk door o.a. alcohol, koffie, vitamine B- tekorten (B12, foliumzuur, B6, B2 en B3) en bepaalde aminozuurtekorten zoals taurine, N-acetylcysteïne en S-Adenosyl Methionine (SAMe). SAMe komt nauwelijks in de voeding voor, maar kan in het lichaam worden gevormd door combinatie van adenosinetrifosfaat (ATP) met het aminozuur L-methionine.

Naarmate de mens ouder wordt, neemt het vermogen om SAMe zelf aan te maken drastisch af.  Methyleringsreacties kunnen daardoor minder goed verlopen. Verstoring van methyleringsprocessen kan ernstige gevolgen hebben zoals gedragsstoornissen. SAMe speelt een belangrijke rol bij de regulatie van de stemming [13-20].

Bij patiënten met zware depressie blijken lage SAMespiegels in de hersenvloeistof en het bloed voor te komen. Hormoongebruik belast o.a. de methylering, sulfatie en glutathionconjugatie in de lever met als gevolg depressie.
5. Laat u testen op een eventueel aanwezige overmaat aan histamine (via bloed, ontlasting, DAO test). Histamine speelt een bijzondere en vaak niet onderkende rol als mogelijk oorzaak van depressie. Histamine wordt aangemaakt bij acute immuunreacties en zit veel in voedsel als kaas, chocolade, worst, varkensvlees. Histamine heeft met actie en ontspanning te maken. Bij een overschot aan histamine treedt er terugtrekgedrag op, is er minder arousal, en zijn er stoornissen in het slaap-waakritme.
6. Let op overmaat aan glutamaat. In de hersenen zit de NMDA-receptor, deze gaat uit bij GABA (ontspannen) en aan bij glutamaat (inspannen). Gamma-aminoboterzuur (GABA) is een niet essentieel aminozuur en de belangrijkste, remmende neurotransmitter in het centraal zenuwstelsel (CZS). Bij een teveel aan glutamaat kan iemand niet meer tot rust komen en blijft men continu in een alerte, nerveuze en rusteloze staat.

Voor de meeste in de cellen spelende processen is energie nodig. Adenosinetrifosfaat of ATP is zo'n energiedrager. Een ATP-tekort zorgt voor verhoogde productie van glutamaat. ATP- tekort wordt gezien bij overgewicht, insulineresistentie en een te grote afhankelijkheid van suiker. Glutamaten zijn ook te vinden in  voeding. Let vooral op E621 t/m E625. Langdurig teveel glutamaat geeft depressie. Hoe meer glutamaat hoe minder tryptofaan er wordt omgezet naar serotonine.
 7. Laat u testen op eventueel aanwezige exorfinenproblematiek. Het endorfinesysteem heeft wel meer dan honderd taken. Het zorgt o.a. voor de afgifte van diverse hormonen, waaronder de beloningshormonen dopamine en insuline, de hormonen die betrokken zijn bij het reguleren van de glucosehuishouding. Het endorfinesysteem remt allergische reacties, gevoelens van somberheid en angst.

Het reguleert de hoeveelheid en gevoeligheid van andere hersenhormonen (neurotransmitters), immuuncellen, ontstekingsstoffen (cytokines), antistoffen en genen. Het endorfinesysteem werkt nauw samen met het hersenhormoon dopamine, de insulinehuishouding, stresshormonen (adrenaline, cortisol) en het immuunsysteem (cytokines, histamine).

Verstoring van het endorfinesysteem wordt in verband gebracht met tal van gezondheidsklachten, waaronder depressie. Het endorfinesysteem kan worden verstoord door diverse factoren:

- Hevige of langdurige lichamelijke en geestelijke stress
- Bepaalde medicijnen, waaronder morfine, tramadol, codeïne, paracetamol, corticosteroïden, methylfenidaat (Ritalin), antidepressiva
- Exorfines in glutenhoudende granen (glutenexorphin), spinazie (rubiscolin), het melkeiwit caseïne (casomorphin), soja (sojamorfin) en van microbiële oorsprong (bepaalde schimmels: dermorfine en deltorphin)
- Smaakversterkers (glutamaat) en kunstmatige zoetstoffen (aspartaam)
- Stimulerende middelen, zoals koffie, cola, energiedranken, cacao, alcohol, drugs en nicotine.
8. Laat u testen op een eventueel aanwezig carnitinetekort. Carnitine is zeker veelbelovend om depressieve symptomen te verlagen [21], vooral bij patiënten die ook aan een andere ziekte lijden. Zieke patiënten hebben last van vermoeidheid, wat de gevoeligheid voor depressie verhoogt.

In vier studies met patiënten met klinische depressie werkte carnitine beter dan een placebo, maar bij patiënten met bipolaire depressie werd geen effect gezien. Twee andere studies toonden een even sterke werking aan als  bij fluoxetine en amisulpride. Vervolgens lieten ook studies met patiënten die last hadden van depressieve symptomen door ziekten, goede resultaten zien. De ziektebeelden waren fibromyalgie, encefalopathie, multiple sclerose en alcoholverslaving.

Carnitine is een natuurlijke, essentiële stof in het lichaam en ondersteunt de werking van hersencellen. Het verhoogt de neuroplasticiteit, dit is het vermogen waarmee hersencellen nieuwe contacten met elkaar kunnen maken. Ze werken in ter hoogte van de neurotransmitters en de celmembranen, twee elementen in het creëren van nieuwe celcontacten. Hun werkingsmechanisme is anders dan die van antidepressiva.
9. Laat uw vitamine D-status testen.De rol van vitamine D beperkt zich absoluut niet tot het calcium- en botmetabolisme. Vitamine D is een radertje in vele hersen- en hormoonprocessen zoals stress en dopamineproductie in de bijnieren. Epidemiologische studies suggereren dat een tekort aan vitamine D het risico op depressie en zelfmoord verhoogt.

Simon Spedding[22] heeft bedenkingen bij bepaalde reviews rondom vitamine D en depressie. Volgens Spedding lijden bepaalde studies aan 'biologische gebreken' (biological flaws). Belangrijke vereisten voor een correcte studie zijn dat dat enkel patiënten geselecteerd worden met een vitamine D-tekort en dat de dosis van het supplement hoog genoeg is om het tekort ongedaan te maken.

De meta-analyse van studies zonder gebreken toonde een significante verlaging van depressieve symptomen, een effect vergelijkbaar met dat van antidepressiva. Zelfs in een land dat in de zon baadt, zoals Australië, heeft één derde van de bevolking een 25OHD-waarde lager dan 50 nmol/L. De nadruk mag niet liggen op het aantal studies, wel op de kwaliteit van de studies. Anders zullen meta-analyses vage conclusies blijven geven, aldus Spendding.
10. Laat diverse hormoontesten doen in speekselDe hormoonbepaling uit speeksel (Saliva) is bijzonder zinvol omdat het beoogde vrije, biologisch actieve deel van de hormonen wordt bepaald. Bij de beoordeling van de gevonden hormoonwaarden in het speeksel is op de eerste plaats de verhouding tussen de individuele hormonen belangrijk. Zijn de hormonen niet in balans of gaat de hormoonproductie achteruit, dan kan zich dit uiten in depressies.

Behandeling van depressie in de praktijk: onterechte voorkeur voor medicatie
Bij depressie is psychotherapie vaak de eerste keus van behandeling. In het geval dat medicatie wordt voorgeschreven, is fluoxetine de eerste optie. Nauwe opvolging is dan noodzakelijk vanwege het zelfmoordrisico.

Dit zelfmoordrisico is mogelijke ook een  'bijwerking' van antidepressiva. Belangrijk is de ernst van de depressie vast te stellen voordat voor een behandeling gekozen kan worden. Vaak wordt dit nagelaten, althans volgens een Australische studie [23]. Daar bleek de ernst van de depressie slechts in 50 % getest te zijn. In geen enkel geval werd de test gedaan met een specifieke depressie- anamnese.

De meeste jongeren die zich met een depressie aanmeldden, kregen geen behoorlijke psychotherapie voordat medicatie voorgeschreven werd. In bepaalde gevallen laten de richtlijnen toe dat er vroeg met medicatie gestart wordt. Maar dan alleen bij ernstige depressie, die volgens een vaste procedure vastgesteld moet zijn.

Slechts 35 % van de jongeren werd wekelijks getest (slechts in één geval gebeurde dat met een erkende test) op de ernst van depressie. Een pilletje is minder omslachtig dan sessies doorbrengen met een psychotherapeut of psychiater.

Veel mensen weten ondertussen wat depressie is, en dat er zoiets bestaat als 'antidepressiva'. Men  verwacht op die manier geholpen te worden. Psychotherapie is evidence-based, maar tijdsintensief (12 - 20 sessies), al heeft een recente meta-analyse uitgemaakt dat een korte psychotherapie (6 - 8 sessies) ook werkt [24].

Een analyse [25] geeft aan dat antidepressiva pas zinvol zijn bij een ernstige depressie. We hebben het dan slechts over een kwart van patiënten met een depressie. Zijn er complementaire opties?
Rhodiola versus sertraline bij depressieUit onderzoek blijkt dat rhodiola-extract bijna even goed werkt als sertraline, maar dan zonder de bijwerkingen. Rhodiola rosea werkt minder goed dan het antidepressivum, maar heeft wel beduidend minder bijwerkingen, volgens wetenschappers van de universiteit van Pennsylvania. Ze  vergeleken twee remedies met elkaar bij patiënten met milde depressie
Ze stellen dat rhodiola een gunstigere risico-baten-profiel heeft dan sertraline.

In deze studie klaagde bijna tweederde van de patiënten die sertraline namen over bijwerkingen. In de rhodiola- en placebogroep lag dat percentage op resp. 30 % en 16 %.

De voorloper van serotonine is 5-hydroxytryptofaan (5-HTP, aangemaakt uit het aminozuur tryptofaan). Na de productie van serotonine wordt 5-HTP door het monoaminaze oxidase (MAO) en catechol-o-methyltransferase (COMT) afgebroken tot de inactieve stof 5-hydroxy-indoleazijnzuur. Een normaal serotoninegehalte is dus afhankelijk van de aanmaak van 5-HTP en de afbraak door MAO en COMT.

Uit ruim 35 jaar onderzoek blijkt dat Rhodiola het transport van 5-HTP verbetert en de activiteit van MAO en COMT vermindert, wat resulteert in een toename van serotonine in de hersenen met 30%.
De belangrijkste werkzame stoffen in Rhodiola zijn fenylpropanoïden. Hiertoe behoren onder meer salidroside, rosavine, rhodioline, rosarine en rosine. Deze stoffen worden voornamelijk in de wortel aangetroffen en hebben allen invloed op diverse mechanismen [26, 27].
Kantekeningen bij Rhodiola gebruikVermijd suppletie van Rhodiola tijdens zwangerschap. De effecten van de meeste kruiden op de zwangerschap zijn onvoldoende onderzocht. Gebruik geen Rhodiola als u een manische (bipolaire) depressie heeft. Hierdoor kan er een verstoring in de neurotransmitters optreden die de toestand kunnen verergeren.

Gebruik Rhodiola niet als u antidepressivamedicatie gebruikt. SSRI`s zoals fluoxetine, fluvoxamine, paroxetine en sertraline remmen de heropname van serotonine. Deze combinatie kan een teveel aan serotonine doen ontstaan, wat verschillende psychische klachten kan veroorzaken.

Mogelijk heeft Rhodiola een remmende werking op het CYP3A4-enzym in de lever. Gebruik om deze reden liever geen Rodiola als u  NSAID-pijnstillers en/of paracetamol gebruikt.
SaffraanSaffraan bevat bioactieve stoffen die nuttig blijken tegen depressie. Saffraan, de specerij die uit de saffraankrokus gewonnen wordt, is een aantal keren vergeleken geweest met klassieke antidepressiva. Zo toonde een studie dat twee capsules met 15 mg saffraan ('s morgens en 's avonds) even goed werkt als fluoxetine (Prozac).

Recent vonden artsen hetzelfde resultaat bij patiënten met depressiesymptomen die een hartoperatie hadden ondergaan. Saffraan doorstond ook de test in een vergelijkende studie met imipramine. Imipramine veroorzaakt een droge mond, constipatie en seksuele disfunctie. Het belemmert ook het vermogen om met een auto te rijden [28-34].
Hypericum perforatumHumane studies bewijzen dat plantextracten van Hypericum perforatum een antidepressieve werking hebben en de hoofdsymptomen als neerslachtigheid, verminderde interesse en activiteit, slaapstoornissen, concentratiestoornissen, veranderingen in de eetlust, vermoeidheid en lichamelijke klachten verbeteren.

Deze verbetering treedt op zijn vroegst 2 tot 3 weken na aanvang van de inname van extracten op. Uit vergelijkende onderzoeken met reguliere antidepressiva blijkt dat gestandaardiseerde extracten net zo effectief werken bij de behandeling van depressiviteit als reguliere geneesmiddelen.

De bijwerkingen van Hypericum perforatum extracten zijn echter beduidend geringer. Ook door placebo gecontroleerde onderzoeken is de effectiviteit van het Hypericumextract duidelijk aangetoond.
‘Psychobiotica’: de nieuwe antidepressiva? Onderzoekers [35] hebben verschillende gunstige effecten van probiotica op de mentale gezondheid vastgesteld.  Een gezonde darmflora, met een breed pallet aan verschillende bacteriestammen, wordt gelinkt aan gezond ouder worden. Bij mensen met uiteenlopende gezondheidsklachten vindt men minder diversiteit in de darmflora.

Bacteriën die een gunstig effect hebben op het gedrag en de hersenfunctie, worden door onderzoekers ‘psychobiotica’ genoemd. Ze maken in de darmen neuro-actieve stoffen aan zoals GABA en serotonine, die een belangrijke rol spelen bij de zenuwprikkeling, de overdracht van boodschappen tussen zenuwcellen en de gemoedstoestand.

De link tussen de darmen en de hersenen is bij wetenschappers bekend. De darmen worden zelfs de ‘tweede hersenen’ genoemd. Volgens Dr. Ted Dinan, professor in de psychiatrie, is er bij depressie sprake van een verstoord evenwicht in de darmflora. Depressieve mensen hebben minder verschillende bacteriestammen in hun darmen. Hij zegt dat suppletie met probiotica een veelbelovende behandeling is voor psychische klachten en dat verschillende onderzoeken al goede resultaten hebben aangetoond.

Vrijwilligers die een maand lang Lactobacillus helveticus R0052 plus Bifidobacterium longum kregen, hadden aanzienlijk minder last van stress dan vrijwilligers met een placebo. Daarnaast werden ook minder hoge concentraties van het stresshormoon cortisol in hun urine gevonden.
Lactobacillus rhamnosus en Lactobacillus caseï verhogen de werking van GABA. GABA (gamma-aminoboterzuur) is een kalmerende neurotransmitter.
Commentaar NDNHieronder beschrijven we in het kort welke typen testen u kunt doen om op zoek te gaan naar mogelijke oorzaken van uw depressie. Diverse testen (urine-, ontlasting- en bloedtesten) worden hier beschreven op onze site. Hieronder staan er een paar uitgelicht voor u. Maar er zijn meer mogelijkheden om uit te zoeken welke systemen er uit balans zijn. Er kan ook sprake zijn van diverse voedselreacties waaronder IgG reacties. Zie boekentips en het video filmpje van Holford. Lees ook mijn artikel; voeding bij depressie in de overgang

Marijke de Waal Malefijt

Vitamine B12 urinetest

Vitamine B12 urinetestVerkoopprijs (incl. BTW): € 47,95
Koop deze test op Yours-Healthcare.nl
Laboratoriumanalyse van methylmalonzuur in de urine. Deze test meet ook het creatinine gehalte. Ter bepaling van de vitamine B12 voorziening.

De verhoogde detectie van methylmalonzuur in de urine vormt een indirecte marker van een vitamine B12-deficiëntie. Het maakt het mogelijk om conclusies te trekken over het metabool beschikbare vitamine B12. Vitamine B12 fungeert als een co-enzym van methylmalonyl-CoA mutase, dat in de citroenzuurcyclus methylmalonyl-CoA katalyseert tot succinyl-CoA. Wanneer deze stofwisselingsroute, bijv. ten gevolge van een verminderd aanbod van vitamine B12, verstoord is treedt een verhoogde excretie van methylmalonzuur op.

De bepaling van methylmalonzuur in de urine is te verkiezen boven de bepaling in het serum: het is eenvoudiger en gevoeliger. De diagnostische waarde van de parameters in serum wordt vaak beperkt doordat vitaminen in het serum gebonden zijn aan bindingseiwitten, waardoor de vitamine B12-verzorging op cellulair niveau niet altijd voldoende kan worden bepaald. 

Serotonine urinetest

Serotonine urinetestVerkoopprijs (incl. BTW): € 46,95
Koop deze test op Yours-Healthcare.nl
Laboratoriumanalyse van de concentratie van de neurotransmitter serotonine in de urine. Controle op een serotoninegebrek.

Organix-dysbiose urinetest

Organix-dysbiose urinetestVerkoopprijs (incl. BTW): € 95,95
Koop deze test op Yours-Healthcare.nl
Laboratoriumanalyse van de organische zuren benzoëzuur, hippuurzuur, p-hydroxybenzoëzuur, fenylazijnzuur, p-hydroxyfenylazijnzuur, indican, dihydroxy-fenylpropinzuur, d-arabinitol, citramalic- en wijnsteenzuur.

Organix-depressie urinetest

Organix-depressie urinetestVerkoopprijs (incl. BTW): € 128,95
Koop deze test op Yours-Healthcare.nl
Laboratoriumanalyse van vanillineamandelzuur, homovanillinezuur, 5-hydroxyindolazijnzuur, tryptofaan, xanthurenzuur, l-kynurenine, kynureninezuur, chinolinezuur alsmede de daaruit berekende l-kynurenine/ tryptofaanratio en de kynureninezuur/l-kynurenineratio.Ter bepaling van stoornissen in de tryptofaanstofwisseling.

Voedings- en laboratoriumtesten

Laboratoriumtesten urine bloed ontlasting en speekseltesten Natuurdiëtisten kunnen als geen ander uw voedingsstatus inschatten en adviezen geven op het gebied van voeding in relatie tot ziekte en gezondheid. Dit doen ze aan de hand van laboratoriumtesten.

Met laboratoriumbepalingen is de natuurdiëtist in staat uw voedingsstatus te bepalen en de dieetadviezen op maat te maken en door laboratoriummonitoring te evalueren en zo nodig bij te stellen.

Wij werken samen met de Duitse fabrikant van laboratoriumtesten Medivere. Medivere levert laboratorium diagnostische diensten waarbij de conventionele geneeskunde als ook aanvullende (complementaire) medische diagnostica en therapieën optimaal worden gecombineerd.

Op onze pagina over voedings- en laboratoriumtesten kunt u alle Medivere testen bekijken en bestellen.