> Naar alle nieuwsberichten

Deel 1: Belangrijke mineralen bij insulineresistentie en diabetes

31 oktober 2012 | ndn | Voedingsexpert Patrick Holford beschrijft in zijn nieuwste boek Say not to diabetes (2011), dat met voedingssuppletie naast een low GL dieet opmerkelijke resultaten te behalen zijn bij insulineresistentie en diabetes. Hij onderbouwt dit met diverse wetenschappelijke studies.

De resultaten van een review uit 2008, uitgevoerd door Britse wetenschappers, ondersteunen het nut van verschillende soorten voedingssuppletie bij suikerziekte. De medische databanken ‘Medline’  en ‘Embase’ werden bekeken op publicaties van studies waar het effect van verschillende soorten voedingssuppletie op  suikerziekte was onderzocht.

Alleen gerandomiseerde, gecontroleerde en dubbelblinde studies werden geselecteerd. Dit leverde totaal 50 studies op. Van verschillende soorten voedingsstoffen werden positieve effecten gevonden op factoren die verband houden met insulineresistentie en de gezondheid van hart en bloedvaten. Het betrof alfa-liponzuur, chroom, foliumzuur, isoflavonen, magnesium, pycnogenol, selenium, vitamine C, vitamine E, en zink.

Chroom bleek het meest bestudeerde supplement. Het was onderwerp van 16 studies. In het merendeel van deze studies liet deze voedingsstof een gunstig effect zien, op de nuchtere bloedglucosespiegel. De positieve effecten van isoflavonen bleken alleen geldig in combinatie met soja-eiwitten. Van vitamine E werd gevonden dat het, in een suppletiedosis van 200 mg per dag of meer, oxidatieve stress vermindert.
Voedingssuppletie gunstig bij diabetesVoedingsdeskundige Patrick Holford beschrijft in zijn nieuwste boek ‘Say not to diabetes’ (2011), dat met voedingssuppletie naast een ‘low GL dieet’ opmerkelijke resultaten te behalen zijn bij insulineresistentie en diabetes.  Hij onderbouwt dit met diverse wetenschappelijke studies. Hij komt tot dezelfde conclusie als de hierboven beschreven review van 2008.

Naast zijn ‘low GL diet’ worden in het boek diverse voedingstoffen besproken die zijn in te zetten bij wat hij noemt ‘your own anti-diabetes action plan’. De NDN redactie zal in diverse artikelen aandacht besteden aan het ‘Holford anti diabetes plan’. Een totaal anti diabetes plan waarin naast specifieke voedingsadviezen, ook beweging, goed slapen en meditatie aan de orde komen.

De NDN start de artikelen reeks met het bespreken van vijf mineralen die belangrijk zijn bij diabetes.
1) ChroomChroom (zie ook pdf in blauwe vak onderaan dit artikel) is noodzakelijk voor een goed verloop van de stofwisseling van vetten en koolhydraten. Studies tonen aan dat chroom een positief effect heeft op de activiteit van insulinereceptoren. De mineralen mangaan, zink, selenium ondersteunen eveneens het glucose- en insulinemetabolisme.

Chroom heeft een bijzonder effect op de werking van insuline. Chroom activeert het zogenaamde insulinereceptor-tyrosinekinasesysteem, aan de celmembranen, waardoor er minder insuline nodig is om glucose in de cel te transporteren. Chroom werkt samen met insuline om het evenwicht tussen een laag en hoog bloedsuikerniveau te handhaven. Vooral diabetes mellitus type 2 is een aandoening waar het merendeel van de patiënten insulineresistent is. Insulineresistentie wordt in verband gebracht met diverse stoornissen, zoals hypertensie en dyslipidemie. In studies is aangetoond, dat een chroom tekort kan leiden tot glucose-intolerantie, aanhoudend verhoogde nuchtere insulinewaarden, verhoogd serum cholesterol en triglyceriden en sclerotische plaques in de aorta.
2) MangaanVoor een adequate synthese van insuline moeten de cellen van de pancreas over voldoende schildklierhormoon kunnen beschikken. Mangaan is belangrijk voor de aanmaak van het schildklierhormoon. De pancreas bevat relatief hoge concentraties mangaan. Bij een mangaandeficiëntie wordt een verslechtering van de glucosetolerantie en granulatie van de -cellen waargenomen.
3) ZinkZink is een onderdeel van de insulinemolecule en is noodzakelijk voor de synthese en opslag van dit hormoon. Zink beschermt de cellen tegen beschadiging door vrije radicalen en auto-immune processen.
Bij hyperglycemie kunnen bepaalde eiwitten in het bloed op de celmembranen overmatig geglycosyleerd worden, waardoor zogenaamde advanced glycosylated end products (AGE’s) ontstaan. Door dit proces kan de vrije-radicaaldruk aanzienlijk stijgen. Selenium draagt bij aan het neutraliseren hiervan.

Uit een studie van Harvard bleek een verhoogde inname van zink de kans op diabetes-type-2 te verlagen tot wel 28%. Vier en twintig jaar lang werden 82.297 vrouwen tussen de 33 en 60 jaar oud gevolgd. Hiervan ontwikkelden 6030 vrouwen diabetes-type-2.

Bij de groep vrouwen met gemiddeld de hoogste inname van zink, was het risico op het krijgen van diabetes-type-2 met 10% verlaagd. Bij de groep vrouwen die totaal de hoogste zink inname had (voeding en supplementen), was het risico met 8% verlaagd. Zink speelt een belangrijke rol bij de insulinestofwisseling. Zink reguleert namelijk de synthese en afgifte van insuline door bètacellen in de pancreas, de binding van insuline aan lever- en vetcellen, evenals de werking van insuline op celniveau.
4) SeleniumSelenium vervult tevens een centrale rol in het metabolisme van de schildklierhormonen. Aanwezigheid van voldoende schildklierhormoon in de cellen van de pancreas en andere organen is essentieel voor een adequate synthese van insuline en de insuline-receptoren.
5) Magnesium Diverse onderzoeken laten zien dat een groot deel van de populatie niet de aanbevolen dagelijkse hoeveelheid (ADH) voor magnesium binnenkrijgt. Mannen zouden dagelijks 320 mg en vrouwen dagelijks 420 mg binnen moeten krijgen.

De onderzoekers Larsson en Wok van het Karolinska Instituut in Stockholm hebben zeven studies onder de loep genomen die de relatie laten zien tussen de magnesiuminname en de kans om type-2-diabetes te ontwikkelen. Via een meta-analyse met ruim 286.000 deelnemers verkregen de onderzoekers hun inzicht. Zes studies tonen een statistisch significante inverse relatie aan tussen de magnesiuminname en de kans op diabetes type 2.

De conclusie luidde dat met elke 100 mg toename van de dagelijkse magnesiuminname de kans op diabetes type 2 met 15% afnam. Magnesium lijkt dus een belangrijke rol te spelen in het verkrijgen van een optimale insulinegevoeligheid.
Magnesium verbetert insulinegevoeligheidMagnesium zorgt ervoor dat de cellen weer gevoeliger worden voor insuline en de glucose zodoende beter opneembaar is in de cellen. Er werd een studie uitgevoerd bij 52 proefpersonen met een normale magnesiumstatus, overgewicht en insulineresistentie. Ze werden willekeurig verdeeld in een suppletie- en placebogroep.

De personen in de suppletiegroep kregen gedurende 6 maanden dagelijks 356 mg magnesium. De anderen kregen een placebo. In vergelijking met het gebruik van een placebo leidde magnesiumsuppletie tot een duidelijke verbetering van de nuchtere bloedsuiker en de insulinegevoeligheid.
Magnesium beïnvloedt diabetesregulatieDe magnesiumstatus is dus van belang voor de regulatie van de bloedglucose bij diabeten. Tevens blijkt dat de magnesiumstatus afhankelijk is van de nierfunctie. Een studie werd uitgevoerd bij 51 diabetespatiënten met een gemiddelde leeftijd van 54 jaar. De inname van magnesium werd geschat aan de hand van het eetpatroon van drie dagen.

Bij de onderzochte groep kreeg 82% te weinig magnesium binnen via de voeding. Ook had 77% van de patiënten een magnesiumconcentratie die lager was dan de minimumwaarde van 3,00 mmol/L voor de urine, 0,75 mmol/L voor het bloedplasma en 1,65 mmol/L voor de erytrocyten. De suikerpatiënten waren slecht ingesteld.

De nuchtere glucosewaarde werd beïnvloed door de magnesiumconcentratie in zowel het bloed, de urine als de erytrocyten en de magnesiumconcentratie in het bloed was op zijn beurt afhankelijk van de nierfunctie. Een slechte nierfunctie kan leiden tot een verhoogde uitscheiding van magnesium in de urine. In combinatie met een inadequate inname van dit mineraal kan dit bij diabeten leiden tot een te hoge bloedglucose.
Magnesium en het effect op ontstekingsreactiesWaarschijnlijk heeft het positieve effect van magnesium op diabetes, ook te maken met de gunstige werking van dit mineraal op ontstekingsreacties. Dit concludeerden onderzoekers van de University of North Carolina na een twintig jaar durend longitudinaal onderzoek onder 4500 proefpersonen. Aan het begin van het onderzoek waren de proefpersonen tussen de 18 en 30 jaar oud en leed geen van hen aan suikerziekte.

Gedurende de onderzoeksperiode deden zich 330 gevallen van diabetes voor. Diegene met de hoogste magnesiuminname hadden het laagste risico van diabetes. De 20% van de proefpersonen die dagelijks het meeste magnesium binnen kregen hadden 47% minder kans diabetes te ontwikkelen, in vergelijking met de groep met de laagste magnesiuminname. Een hogere inname van magnesium gaf een significant lagere concentratie van ontstekingsmarkers in het bloed en een betere insulinegevoeligheid.
Magnesium tegen depressie bij diabetespatiëntenAanvulling met magnesium (en chroom) helpt tegen depressie bij diabetes patiënten en een lage magnesiumstatus. Het geeft vergelijkbare vermindering van de depressiviteitsymptomen als bij het inzetten van het klassieke antidepressivum imipramine.

Het onderzoek werd uitgevoerd met deelname van 23 ouderen met suikerziekte en een magnesiumspiegel lager dan 1,8 mg/dl. Daarnaast was bij allen depressiviteit vastgesteld, aan de hand van een speciaal daartoe ontworpen test. In willekeurige groepen verdeeld kregen ze gedurende 12 weken dagelijks ofwel 450 mg magnesium ofwel 50 mg imipramine. Aan het einde van de onderzoeksperiode bleek de mate van depressiviteit in beide groepen vergelijkbaar te zijn gedaald.

Voedingsbronnen van de 5 mineralen1. ChroomMinimaal per dag voor mannen en vrouwen: 0,05 - 0,02 mg
Voedingsbron: schaal -en schelpdieren, graanolie, biergist, volkoren graanproducten.
2. MangaanMinimaal per dag voor mannen en vrouwen: 11 mg
Voedingsbron: forel, groene bladgroenten, erwten, bieten, peulvruchten, eidooier, volkoren producten, zilvervliesrijst, ongezwavelde tutti-frutti, ananas, amandelen, kastanjes, hazelnoten, pinda’s, walnoten en zonnebloempitten.
3. SeleniumMinimaal per dag voor mannen en vrouwen: 50 - 150 mg
Voedingsbron: lever, mosselen, kreeft, garnalen, zemelen, knoflook, kelp, uien, broccoli, tarwekiemen, paranoten, champignons en tomaten.
4). ZinkMinimaal per dag voor mannen: 10 mg
Minimaal per dag voor vrouwen: 9 mg
Voedingsbron: tarwekiemen, biergist, eieren, vlees, oesters, gekiemde zaden, sojakiemen, alfalfa, taugé, zonnebloem en pompoenpitten.
5. MagnesiumMinimaal per dag voor mannen: 300 - 350 mg
Minimaal per dag voor vrouwen: 250 - 300 mg
Voedingsbron: heilbot, krab, makreel, slakken, bieslook, spinazie, boerenkool, peulvruchten, vijgen, amandelen, cashewnoten, kelp, citroenen, grapefruit, noten, zaden, donkere groenten, appels, avocado’s, kokos, volkoren producten.
Deel 2  volgt over 2 weken. Marijke de Waal Malefijt